Je hoort het steeds vaker, het woord toeval en alle woorden die er mee te maken hebben. "Heey! Wat toevallig dat je me belt, ik wilde je net gaan bellen." "Wat toevallig dat ik je hier tegen kom." Zo ken je er zelf vast en zeker meer van die voorbeelden. Maar wat is toeval eigenlijk?
Laat ik eerst mijn roodoranje Wolters Nederlands ster woordenboek het 2e druk in de nieuwe spelling, voor me nemen. Als ik bij het door mij bedoelde woord toeval kijk, zie ik de volgende beschrijving staan: onvoorzien geval, onberekenbare gebeuren. Kortom als iets gebeurt wat men niet verwacht had, dan spreek men van toeval.
Nou moet ik bekennen dat ik niet in het woord toeval geloof. Het klinkt vreemd, maar ik zal het proberen uit te leggen, waarom ik er niet in geloof. Toeval is een onvoorzien geval, men verwacht iets niet, maar het gebeurt wel. Ik kan het echt geen toeval noemen, ik noem het ‘het lot’. Volgens mij gebeurt alles, zoals het zou moeten. Men maakt keuzes en die horen zo gemaakt te worden. Je denkt achteraf had ik die andere keuze maar gemaakt, maar ‘het lot’ had allang besloten dat jij die keuze zal maken. Zo kom je ook nooit iemand toevallig tegen. Nee, het hoorde gewoon zo te zijn, dat je die ene iemand daar op dat moment tegen kwam. Het klinkt misschien beangstigend, maar alles gaat zoals het gaan moet.
Zo stond ik een zondag geleden (6 Mei 2007), in een gang te wachten van het Doornroosje in Nijmegen. Mijn favoriete band had gespeeld in het voor programma en daar was ik speciaal voor gekomen. Mijn moeder was zo lief om me helemaal naar Nijmegen te brengen en weer op te halen. Dus ik stond op mijn moeder in het gangetje te wachten tot ze zou bellen dat ze er was. Ik had haar al gebeld om te vragen hoe lang het nog zou duren. Volgens haar zou het nog 10 minuten duren, maar volgens ‘het lot’ werd het toch al gauw 25 minuten. Ik dacht op dat moment bij mezelf: “Het zou echt toevallig zijn als ik de leden van mijn favoriete band tegen zou komen.” Ik verbeterde mijzelf: “Als ik de leden van mijn favoriete band tegen kom, dat heeft het zo moeten zijn.” Het wachten duurde lang en de vrouw die bij de uitgang stond, stelde voor dat ik weer de zaal in ging, want zo kon ik nog wat van het hoofd programma mee krijgen. Ik dacht bij mezelf dat het wel een goed idee zou zijn. En zo zorgde mijn ‘lot’ ervoor dat ik de zaal in ging. Na een paar minuten daar te staan, trekt iets mijn aandacht. Zie ik het nou goed? Ja hoor, ik ben ‘het lot’ weer dankbaar. Daar staat hij dan, mijn favoriete bandlid van mijn favoriete band, het kan ook niet beter. ‘Het lot’ liet mij nog in de gang denken, als ik een van hun zou zien, dat ik dan zou gaan vragen of ik met hun op de foto mocht. ‘Het lot’ had er zojuist voor gezorgd, dat ik nu wel naar mijn favoriete bandlid toe moest lopen, om te vragen of ik een foto van hem mocht maken. Ik was er zeker van dat het mijn ‘lot’ was. Dus loop ik trillend en door mijn hoofd spokend: “Je durft het toch niet te vragen” naar mijn favoriete bandlid toe. Ik sta achter hem en laat nou net zijn, dat de drummer die naast hem stond nu weg loopt. ‘Het lot’ zorgt er weer eens voor dat ik geen goede foto van hem kan maken. Mijn ‘hoofdprijs’ blijft nog voor mij staan. Mijn ‘lot’ zorgt er weer voor dat ik al mijn moed bij elkaar heb, zodat ik mijn favoriete bandlid durf te tikken op zijn schouder. Hij kijkt natuurlijk verbaasd om en zojuist was ik in een situatie terecht gekomen dat ik niet meer terug kon en dat ik nu wel moet vragen of ik een foto van hem mag maken. Dus ik vraag verlegen en geheel bibberend of ik een foto van hem mag maken, natuurlijk mag dat. Dus dol gelukkig maak ik een foto van hem. Voordat ik het zelf door heb, flap ik eruit of ik ook een foto mag maken met ons twee erop. Natuurlijk mag dat en voor dat ik het wist had ik al een arm om me heen voor de foto. Dus ik trillend als een rietje die foto gemaakt en nog een paar woorden uitgewisseld met hem. Ik kon het weer eens niet laten om te vragen hoe het met zijn broer was. ‘Het Lot’ zorgde er gelukkig voor, dat ik een heel verhaal te horen kreeg en dat het niet geïrriteerd eruit kwam, van: “Jij stalker! Je laat mij en mijn familie ook niet met rust hè?” Na een paar minuten daar naast mijn favoriete bandlid te staan, excuseert hij zich en gaat hij ergens anders heen. Hij excuseert zich! Dat had ik nooit verwacht, dat hij zich zou excuseren om ergens anders te gaan staan. Hij verdween richting de plek waar ook de drummer verdween. En daar stond ik, nog geen minuut later ging mijn telefoon eindelijk, mijn moeder wachtte. Met een ‘big smile’, liep ik richting auto. ‘Het lot’ zorgde ervoor dat de hele rit naar huis, mijn 5 en een half uur slapen en de dagen erna, een onuitwisbare ‘big smile op mijn gezicht zat.
Hoezo toeval? Nee, het was ‘het lot’, het hoorde nu eenmaal zo te lopen, want zoveel toeval in een paar minuten tijd, is wel erg veel. Alles gaat, zoals het gaan moet. Het lot, kun je toeval noemen, maar het verandert niets aan alles wat gebeurd, je kan het ook niet veranderen. “You can run, you can hide, but you can’t escape your destiny.” (afgeleid van Enrique Iglesias: “You can run, you can hide, but you can’t escape my love”)
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten